Familiegeschiedenis
Herkomst naam
De naam ‘Gelderman’ is voor een aantal te onderscheiden geslachten in Nederland (in Gelderland, met name op de Veluwe, en Overijssel in de omgeving van Zwolle, waar De Vos van Steenwijk aan refereerde) en in het Rijnland tot familienaam geworden. Het is wellicht een toponiem, in die zin dat verschillende mannen deze naam als verwijzing naar de streek van hun herkomst zijn gaan dragen, hoewel een man uit Gelre werd en wordt aangeduid met Geldersman. Dat zou kunnen verklaren dat deze naam min of meer wijd verspreid is geraakt, zonder dat de naamdragers genealogisch tot één stam terug te voeren te zijn.
Oudsaksische oorsprong
Volgens Hekket is echter niet ondenkbaar dat de uitgang ‘-man’, die een variant op de uitgang ‘-ing’ zou zijn, te herleiden is naar een ‘erve Geldering’, een goed genoemd naar een persoon met de nog bestaande voornaam Gelder of Gelderd. Hij noemt een vijftiende-eeuwse ‘erve Geldering’’, waaraan de buurtschap Gelderingen bij Steenwijkerwold zijn naam ontleent (B.J.Hekket, ‘Wat betekent Gelderman’ in Tubantia 27 april 1974) .
De namen Gelder en Gelderd zijn, zo schrijft Hekket, uit het Oudsaksisch ontstaan. Gelder zou van ‘geld’ (vergelding, bloedwraak) en ‘heri’ (leger of krijgsman) komen. Gelderd zou uit ‘geld’ (vergelding, bloedwraak) en ‘hard’ zijn voortgekomen. De voornaam Geld of Gild komt terug in de familienamen Gelding, Geltink en Gilting, waarbij de uitgang ‘-ing’ nog de oude betekenis van ‘zoon van’ heeft.
Ten Houte de Lange beschrijft in zijn genealogie van de familie De Savornin Lohman een vergelijkbare herkomst van de naam Lohman, welke is samen gesteld uit het woord ‘lo(h)’, etymologisch Middelnederlands voor ‘bos’ of ‘struikgewas’, en ‘man’ dat in de late middeleeuwen ‘huys’ verving. Zo werd Lohuys/Loohuus (huis bij het bos) tot Lo(h)man(n). Verschillende mensen zullen op verschillende plaatsen in Oost-Nederland in een huis bij het bos, een Lohuus, hebben gewoond. Het lijkt hem aannemelijk dat er ooit verschillende huizen met deze naam op verschillende plaatsen hebben bestaan, waaraan families Loman(n), Looman(n), Loeman(n), Lohuys, al dan niet met een voorvoegsel op, vom of ten, hun naam hebben ontleend.
De uitgang ‘-man’ is mogelijk af te leiden van ‘mansus’, een vroegmiddeleeuwse oppervlaktemaat van een perceel landbouwgrond uit de tijd van het hofstelsel, dat de horige mansionaris in één dag kan bewerken. Kortom: de herkomst van een naam op ‘-man’ kan duiden op middeleeuws grondbezit.
Niet-verwante families
Er bestaan verschillende niet-verwante families met de (streek)naam Gelderman: de oorspronkelijk uit Schermbeck (Rheinland) afkomstige familie van textielfabrikanten te Oldenzaal, voorts een over het land uitgewaaierde boerenfamilie die zijn oorsprong lijkt te vinden in de Noord-Veluwe (Heerde, Veessen, Vorchten, Harderwijk), verder een predikantengeslacht afkomstig uit Meurs (Rheinland). In de Duitse Bondsstaat Rheinland-Westfalen komt de familienaam ‘Geldermann’ voor, zo bijvoorbeeld in het wijnhuis ‘Deutz & Geldermann’. Geen van deze families voert het onderhavige wapen.
Wapenbeeld
Wapen van het Zwolse regeringsgeslacht Gelderman: in rood een zilveren keper vergezeld van drie rechts uitvliegende zilveren meeuwen. Helmteken: een staande zilveren meeuw tussen een rode vlucht. Dekkleden: rood, gevoerd van zilver.
Wapenspreuk
"Le plus loin Le plus serré".
Voorwerpen met wapen
Dit wapen komt voor op een in 1638 te Amsterdam door een onbekende meester vermoedelijk voor Arent Janszn Gelderman (overl. 1669), sedert 1639 Lantscapsbode van Overijssel, vervaardigde zilveren puntschotel. Vervolgens verschijnt dit wapen als dat van diens zoon Egbert Gelderman (1648-1711) in alliantie met het wapen van de familie Scriverius op de door de Zwolse zilversmid Joan Kuinder gemaakte zilveren klepdeksel van een Delfts blauwe aardewerk bier- of wijnkan met chinoiserie uit 1682.
Uit de 18e eeuw dateert een V.O.C.-glas van Arnold Gelderman (1677-1757), Gedeputeerde ter Kamer Delft van de V.O.C. Voorts bevinden zich naast deze voorwerpen enkele cachets met dit wapen, daterende uit de 18e en 19e eeuw, zich in deze familie Gelderman. In 1990 werd een memorietriptiek met o.m. de wapens Gelderman en Ulger geplaatst in de Waalse Kerk aan de Schoutenstraat te Zwolle.
Bijna identieke wapens
Het onderhavige wapenbeeld wordt beschouwd streekeigen te zijn voor de kop van Overijssel/Noord-Veluwe: een keper vergezeld van drie voorwerpen. Opvallend is dat het onderhavige wapen vrijwel identiek is aan dat van verschillende adellijke geslachten in deze streken, zoals deze zijn afgebeeld op de kopergravure "Wapenen der Hoogedele en Ridderlijke stammen in het Landt van Overijssel" van Anthonie van Mierlo, gedrukt in 1663 bij Gerrit Tydeman in Zwolle: van Ensse, van Isselmuden, Stel linck, Suire, Van der Veght. Hier zijn echter geen vliegende vogels, doch merletten afgebeeld. Door de heraldicus Muschart is de vraag opgeworpen of bij deze afwijking van een wapenbreuk sprake zou kunnen zijn, uitgaande van enige relatie met een van deze geslachten.
Vogels in wapen
De vogels in het wapen Gelderman zijn steevast als meeuwen aangeduid, doch ook is de mogelijkheid van eenden niet uitgesloten. In 19e eeuwse correspondentie met Vorsterman van Oijen wordt van 'merlen' gesproken. De ornithologische deskundigheid van de zilversmeden en cachetgraveurs is niet zodanig geweest dat omtrent de vogelsoort zekerheid kan bestaan.
Puntschotel met wapen Gelderman met op de rand afwisselend afbeeldingen van de vier elementen en de vier jaargetijden
Wapen Gelderman door J. van Leeuwen N.P. 1913